D


ominicaanse familie Vlaanderen


 
  Open ontmoetingsdag - Gent 4 juni 2005  
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

terug
 


over economie en ethiek

De dominicaanse familie Vlaanderen heeft op haar open ontmoetingsdag van 2005 aan haar verwanten, vrienden en bekenden en alle belangstellenden een aantrekkelijk menu aangeboden. 'Economie en ethiek' was de titel van het menu en het bestond uit twee gangen, het dessert niet meegeteld.
Om te beginnen: een lezing met aansluitende gedachtewisseling over de jongste ontwikkelingen die men samenvat in het modewoord 'globalisering', kritisch bekeken vanuit een ethisch gezichtspunt. Het geheel werd opgediend door de Antwerpse professor Henk Opdebeek. De tweede gang droeg de naam 'De markt en de moraal': ook een lezing plus gedachtewisseling, geleid door B.J. De Clercq, over de ethische keuzen waarvoor ieder van ons geplaatst wordt in de omgang met geld en goederen op alle mogelijke markten, telkens als we kopen of verkopen, optreden als consument of als producent. U krijgt hier een samenvatting.

Economie onder een evangelisch licht

"U kent de geboden: pleeg geen moord, pleeg geen echtbreuk, steel niet, leg geen vals getuigenis af, bedrieg niemand, toon eerbied voor uw vader en uw moeder." Dat antwoordde Jezus aan een rijke jongeman die hem vroeg wat hij moest doen om deel te krijgen aan het eeuwig leven (Marcus 10,19). Wij zijn als die rijke jongeman, zei Hendrik Opdebeek tegen zijn gehoor toen hij in zijn lezing de vraag naar een ethische verruiming van de economie aan de orde stelde. Hoe kunnen we de geboden die Jezus citeerde vertalen in de termen die onze positie in ons economisch bestel vandaag bepalen? Wat moeten we doen?

Niemand vermoorden
Als we kijken naar de manier waarop onze economie in een snel tempo de natuurlijke rijkdommen verslindt, betekent dit verbod: we mogen de natuur, de schepping die ons werd geschonken, niet om zeep helpen. Als we los willen komen uit het overheersende individualisme en meer oog krijgen voor de kwaliteit van de tussen menselijke verhoudingen, wil het oog zeggen: 'je zult geen medemens te kort doen'.

Geen echtbreuk plegen
Economische echtbreuk plegen we als we ingaan op de eindeloosheid van onze opgefokte behoeften waaronder onze authentieke behoeften ondergesneeuwd raken. Geen echtbreuk plegen betekent een rem zetten op het consu-meren (van alles altijd meer) en welbewust gaan consu-minderen (genoegen nemen met de vervulling van alleen de echte behoeften en daar ook ons genoegen in vinden).

Niet stelen
Dit verbod trekt de aandacht op de verhouding tussen de doeleinden en de middelen van het economisch bedrijf. Almaar grotere welvaart is geen doel maar een middel: een middel voor groeiend welzijn. De arbeid is niet alleen een middel, we moeten hem ook zien als een doel: levensvervulling, dit is welzijn, door kwalitatief zinvol werk. Geen diefstal plegen betekent: steel geen doeleinden door ze te herleiden tot middelen voor doeleinden die er eigenlijk geen zijn. Offer je psychisch inkomen (arbeidsvreugde, gezinsgeluk) niet op aan een zo hoog mogelijk materieel inkomen. En mensen behandel je nooit als middel.

Geen vals getuigenis geven
Een vals getuigenis komt neer op liegen over de ware toedracht der dingen. Het is valse behoeften voorstellen als echte, wat waarde heeft verwisselen voor wat alleen nuttig is, in de reclame geen verschil maken tussen nuttige informatie en pure verleiding. Geen vals getuigenis geven betekent dat je andere mensen, en ook jezelf, niet bedriegt.

Eer uw vader en uw moeder
Er zijn levensbelangrijke dingen die je niet kunt kopen en waarmee je geen handel drijft. Ze verdienen geëerd te worden zoals je je vader en moeder eert. Betuig meer respect voor het dagelijkse werken van de huismoeder of huisvader, geef het de waarde die het verdient. Respecteer zorg behoevende bejaarden, respecteer natuurreservaten. Plak op dat alles niet onmiddellijk zomaar een prijs door met bejaardeninstellingen af te komen met een mogelijk loon voor thuiswerkende huismoeders or huisvaders,. met kosten batenanalyses bij het neerpoten van bungalowparken in natuurreservaten. Het zal duidelijk zijn dat dit lijstje met veel andere voorbeelden kan worden aangevuld.

Kort besluit van de spreker: "Misschien gaat pas op deze manier de deur weer open voor een wereld waar mensen genieten van de ware zin van hun leven. Zo wordt een zinvolle wereld mogelijk die ophoudt van het spirituele - zeg maar van God een soort taboe te maken."

Dominicaanse mensen

De deelnemers aan de ontmoetingsdag gingen naar huis na een afsluitend gebed, of juister, een korte bezinning in de vorm van een parafrase van het bekende loflied van Paulus op de liefde.

"Al spreek ik woorden van heiligen en waardevolle mensen, als ik er
met mijn hart niet bij ben, klinken ze hol.
Al ken ik een brok psychologie, al ben ik thuis in vergader- en preek
technieken, als ik er met mijn hart niet bij ben, baat het me niets.
Al is de inzet in zoveel groeperingen, en ook in de dominicaanse familie, mijn leven, en zwoeg ik van 's morgens tot 's avonds, als ik er met mijn hart niet bij ben, is alles verloren.

Een dominicaanse mens heeft een lange adem, is geduldig, houdt
het uit, kan wachten, ... In zich draagt hij de tijd.
Een dominicaanse mens blaast zich niet op, leeft niet voortdurend in dromen en fantasieën, maar 'ziet' de zwakken in de samenleving en treedt hen tegemoet, ten koste van zichzelf. Hij overdrijft niet maar mikt op het mogelijke: wat kan er hier en nu?
Een Dominicaanse mens laat zich niet prikkelen tot toorn of verbittering; hij neemt niet vlug iets kwalijk, is niet snel beledigd, maar eenvoudig goed.

Een dominicaanse mens voelt zich volledig zichzelf, waar liefde waarheid heet en waar liefde in waarheid gebeurt.
Hij blijft geloven in mensen, staat altijd klaar om vertrouwen te schenken, ontdekt onvermoede mogelijkheden en bevestigt elk goed initiatief.
Een dominicaanse mens blijft hopen spijts alle tegenslag en spreekt onvermoede krachten en reserves aan, bij zichzelf en bij anderen, zodat het onmogelijke mogelijk wordt.

Een dominicaanse mens zal zich laven aan de Bron van het leven: God die liefde is."


De globalisering en haar slachtoffers

'Economie en ethiek' stond ook op de agenda van het vormingsprogramma 2005 van de DFV. Op haar algemene vergadering van oktober werden de resultaten ervan besproken aan de hand van het studiewerk in de groep Knokke. Twee rapporten werden gepresenteerd: over 'Ethiek en geweten' (Maria Wittevrongel) en over 'Ethiek en globalisering' (Georges Devinck).
 Hier volgt een uittreksel uit  het rapport van G. Devinck

Met haar boek De stille overname is Noreena Hertz verleden jaar in veel landen op de voorgrond getreden als een van de prominente critici van de neoliberale globalisering. Ze maakt zich, kort gezegd, vooral zorgen over de groeiende macht van de grote, multinationale ondernemingen die bezig zijn wereldwijd de staatsmacht over te nemen en de democratie die wij kennen alsmaar verder buitenspel zetten.
Er zijn ingrepen nodig, zegt Hertz, om die scheefgroei van de macht te corrigeren en komaf te maken met ontzettend ongelijke verdeling van de gestegen welvaart, van de mogelijkheden en de middelen voor een menswaardig leven. Want wat de neoliberale ideologie ons wil doen geloven, klopt niet. Het is niet waar dat de groeiende welvaart van de rijken vanzelf zal 'doorsijpelen' naar de armen bij ons en de arme landen van de derde wereld. Er moeten wegen en middelen gevonden worden om de macht van de multinationale industriële reuzen onder te schikken aan de politieke beslissingsmacht, binnen de nationale staten en op het internationale vlak. Hertz noemt dit een noodzakelijke 'revitalisering van democratie', in het belang en voor het welzijn van de hele wereldbevolking.
We mogen bij dit alles onze eigen macht niet onderschatten. Bedrijven zijn gevoeliger voor het gedrag van consumenten die hun producten moeten kopen dan van nieuwe wetgeving van regeringen die uit hun handen eten. Politici zijn afhankelijk van hun kiezers. Hertz beschrijft mooie voorbeelden van een goed gericht gebruik van deze macht.

De conclusie van haar boek kunnen we als volgt samenvatten.
Regeringen rekenen op het bedrijfsleven om problemen op te lossen, waar ze daartoe zelf niet in staat zijn. Er zijn derdewereldlanden waar grote ondernemingen beter zorgen voor de armen dan de zwakke en vaak corrupte politieke overheden. Maar politieke afhankelijkheid van op eigen gewin gerichte bedrijven blijft een gevaarlijke zaak. Politieke leiders schieten te kort als ze geen voeling hebben met hun kiezers en vergeten dat mensen niet langer een wereld willen steunen die alleen maar gaat over groeitempo en particuliere kapitaalstromen. Op die manier tekenen ze op termijn hun eigen doodsvonnis.
Ooit waren er de grote depressie in de jaren dertig, de opkomst van het fascisme en de tweede wereldoorlog voor nodig om ons te dwingen onze mondiale zaken beter te doordenken. Het bedrijfsleven noch de politiek kunnen overleven zonder de steun van het publiek. We hebben dus een machtige positie, we kunnen ons verenigen en aandringen op veranderingen die iets doen aan de kwalijke gevolgen van de globalisering. Als consumenten kunnen we onze regeringen duidelijk maken dat er een einde moet komen aan de 'liefdesrelatie' van overheid en grote ondernemingen. De overheid moet ons ten slotte een product aanbieden dat het waard is om gekocht te worden, anders gaan we liever protesteren dan stemmen.

Een vervolg

De gedachtewisseling over het 'christelijk perspectief' dat door G. Devinck aan de hand van de parabel van de barmhartige Samaritaan was getekend, resulteerde in een concreet besluit. In naam van de hele groep wordt een brief geschreven naar senator Sabine de Bethune om in te spelen op haar toelichting bij het commissieverslag over de millenniumdoelstellingen, met name de armoedebestrijding in de wereld. De brief vraagt dat ze haar collega's zou aansporen om in de gewenste richting meer druk uit te oefenen op het regeringsbeleid en de Europese Commissie. Ze zou ook samen met haar christelijk geïnspireerde collega's de christelijke dimensie van de hele problematiek sterker kunnen behartigen. De bedoeling is deze brief ook naar de media te versturen.